Waar staat NAH voor?
NAH staat voor niet-aangeboren hersenletsel: hersenletsel dat ontstaat na de geboorte, bijvoorbeeld door een ongeval, beroerte of hersentumor. Aangeboren hersenletsel is er al voor, tijdens of vlak na de geboorte. Het grootste verschil zit niet in de hersenen zelf, maar in de levensloop: iemand met NAH kende een leven zonder beperking en moet dat verlies verwerken, terwijl iemand met aangeboren hersenletsel opgroeit met de beperking als vanzelfsprekend onderdeel van het leven.
Wat is niet-aangeboren hersenletsel (NAH)?
Niet-aangeboren hersenletsel (NAH) is schade aan de hersenen die ontstaat na de geboorte. Zorgprofessionals maken onderscheid tussen twee vormen:
- Traumatisch hersenletsel
- Letsel door een oorzaak van buitenaf, zoals een verkeersongeval, val of harde klap tegen het hoofd.
- Niet-traumatisch hersenletsel
- Letsel door een oorzaak in het lichaam zelf, zoals een beroerte, hersentumor, hersenvliesontsteking, zuurstoftekort na een hartstilstand of langdurig middelengebruik.
Kenmerkend voor NAH is de breuk in de levenslijn. Er is een leven vóór en een leven ná het letsel. Iemand weet vaak precies wat hij of zij is kwijtgeraakt: werk, hobby’s, zelfstandigheid of karaktereigenschappen. Dat besef maakt NAH niet alleen een neurologisch, maar ook een emotioneel vraagstuk.
Wat is aangeboren hersenletsel?
Aangeboren hersenletsel ontstaat voor, tijdens of kort na de geboorte. De hersenen ontwikkelen zich vanaf het begin anders. Veelvoorkomende oorzaken zijn:
- Genetische aandoeningen of chromosoomafwijkingen
- Zuurstoftekort tijdens de zwangerschap of bevalling
- Infecties tijdens de zwangerschap
- Vroeggeboorte met complicaties
Bekende voorbeelden zijn cerebrale parese en verstandelijke beperkingen met een neurologische oorzaak. Omdat het letsel er vanaf het begin is, kent de persoon geen leven zonder beperking. De ontwikkeling verloopt anders, maar er is geen ervaren verlies van eerdere vaardigheden. Dat betekent overigens niet dat de impact kleiner is: het vraagt levenslang om passende ondersteuning, alleen met een andere begeleidingsvraag.
De belangrijkste verschillen op een rij
| NAH | Aangeboren hersenletsel | |
|---|---|---|
| Moment van ontstaan | Na de geboorte, na normale ontwikkeling | Voor, tijdens of vlak na de geboorte |
| Veelvoorkomende oorzaken | Ongeval, beroerte, tumor, zuurstoftekort | Genetisch, zuurstoftekort bij geboorte, infectie tijdens zwangerschap |
| Beleving van de cliënt | Rouw en verlies: weten wat je kwijt bent | Opgroeien met de beperking als gegeven |
| Rol van het netwerk | Familie en vrienden moeten wennen aan een ‘veranderd’ persoon | Netwerk groeit mee vanaf het begin |
| Focus van de begeleiding | Herstel, compensatie en verliesverwerking | Ontwikkelingsgericht begeleiden en aansluiten bij mogelijkheden |
Wat betekent dit verschil voor de begeleiding?
Voor begeleiders in de gehandicaptenzorg is het verschil tussen NAH en aangeboren hersenletsel bepalend voor de aanpak.
Bij NAH werk je met iemand die weet wat hij is verloren. Begeleiding draait dan om verliesverwerking, het opnieuw aanleren of compenseren van vaardigheden en het omgaan met veranderd gedrag, zoals prikkelgevoeligheid, vermoeidheid of een kort lontje. Ook het netwerk vraagt aandacht: partners en kinderen leven verder met iemand die dezelfde maar toch een ander is.
Bij aangeboren hersenletsel ligt de nadruk op ontwikkelingsgericht begeleiden. Je sluit aan bij wat iemand kan, bouwt structuur en voorspelbaarheid in en ondersteunt bij het vergroten van zelfstandigheid.
In de praktijk zien organisaties in de gehandicaptenzorg steeds vaker vraag naar begeleiders die met beide doelgroepen uit de voeten kunnen.
Werken met mensen met NAH of aangeboren hersenletsel
Wie in de gehandicaptenzorg met deze doelgroepen wil werken, komt functies tegen als begeleider gehandicaptenzorg, persoonlijk begeleider en woonbegeleider. Belangrijke competenties zijn geduld, het kunnen lezen van gedrag, methodisch werken en stevig in je schoenen staan bij onbegrepen gedrag.
Voor het werken met NAH-cliënten is daarnaast kennis van neurologie en verliesverwerking een pré; bij aangeboren hersenletsel juist ervaring met ontwikkelingsgericht en belevingsgericht werken. Beide richtingen bieden werk waarin je als begeleider het verschil maakt in het dagelijks leven van je cliënten.
Geschreven door:
Gerelateerde nieuwsberichten
Het verschil maken in de dementiezorg: het verhaal van Melissa
In dit interview vertelt Melissa Mulder over haar loopbaan in de zorg, haar overstap terug naar detachering en het werken met ouderen met vergevorderde dementie.
Wat is het verschil tussen een persoonlijk begeleider en een woonbegeleider?
Twijfel je welke functie bij je past? We zien in de praktijk dat veel professionals starten als woonbegeleider en na een paar jaar doorgroeien naar persoonlijk begeleider, vaak binnen dezelfde organisatie.
Werken als verpleegkundige in de VVT
Werken als verpleegkundige in de vvt (verpleging, verzorging en thuiszorg) betekent dat je zorg verleent aan ouderen en chronisch zieken, met een sterke nadruk op verpleegtechnisch handelen. In dit artikel lees je wat het werk inhoudt, welke opleiding je nodig hebt en welke rol buro Nexus hierin speelt.